Strijdkroniek

Het duel begint: onze held tegen Spin op verdieping 3.

Met avonturiersprecisie neemt onze held de rivaliserende paard op G4.

Spin valt voor onze held's mat. De legende groeit.

Laden…

De strijd, zet voor zet

onze held slaat de vijandelijke pion: het pion springt van F2 naar E3.

Vanuit het duister duwt Spin het paard naar C5, terwijl het loper van onze held neemt A3 in, C1 blijft achter. Spin antwoordt door het paard van C5 naar B7 te zetten, en onze held schuift het koning over het bord, van E1 naar E2.

Met kerkerlist brengt Spin het paard naar G4. Met vaste hand brengt onze held het koning naar F3, en kort daarna het paard van Spin rukt op van G4 naar H6.

onze held zet het koning van F3 naar E4; dan spin zet het paard op F5, elk veld in het oog houdend. onze held claimt de vijandelijke pion door op E5 te landen.

Vanuit het duister duwt Spin het koning naar F8, en het koning van onze held neemt E6 in, E5 blijft achter. Schaak van Spin: het paard plant zich op D8.

onze held schuift het koning over het bord, van E6 naar E5, en kort daarna met kerkerlist brengt Spin het pion naar C6. Met vaste hand brengt onze held het pion naar G4; dan het paard van Spin rukt op van F5 naar H6.

onze held zet het koning van E5 naar F4. Schaak van Spin: het paard plant zich op E6.

Zonder haast of vrees plaatst onze held het koning op E5. Vanuit het duister duwt Spin het paard naar C7, terwijl het pion van onze held neemt G5 in, G4 blijft achter.

Spin antwoordt door het paard van C7 naar E8 te zetten, en onze held schuift het loper over het bord, van A3 naar C1. Schaak van Spin: het paard plant zich op G4.

Met vaste hand brengt onze held het koning naar F4, en kort daarna het paard van Spin rukt op van E8 naar D6. onze held slaat de vijandelijke paard: het koning springt van F4 naar G4.

Spin zet het pion op C5, elk veld in het oog houdend, terwijl zonder haast of vrees plaatst onze held het koning op H4. Vanuit het duister duwt Spin het koning naar F7, en het pion van onze held neemt E4 in, E3 blijft achter.

Spin zet schaak met het paard op F5.

onze held claimt de vijandelijke paard door op F5 te landen.

Met kerkerlist brengt Spin het koning naar G8. onze held slaat de vijandelijke pion: het pion springt van F5 naar G6.

Het pion van Spin rukt op van A6 naar A5. onze held zet het loper van C1 naar E3, en kort daarna spin zet het pion op E6, elk veld in het oog houdend.

onze held slaat de vijandelijke pion: het loper springt van E3 naar C5.

Vanuit het duister duwt Spin het koning naar G7. onze held zet schaak met het loper op D4.

Spin antwoordt door het pion van E6 naar E5 te zetten. onze held slaat de pion op E5 en zet Spin schaak.

Met kerkerlist brengt Spin het koning naar G8. onze held claimt de vijandelijke pion door op C3 te landen.

Het pion van Spin rukt op van A4 naar A3. onze held slaat de vijandelijke pion: het loper springt van C3 naar A5.

Spin zet het koning op F8, elk veld in het oog houdend. Vanaf B4 dwingt het loper van onze held Spin tot verdedigen.

Vanuit het duister duwt Spin het koning naar G7. onze held slaat de vijandelijke pion: het loper springt van B4 naar A3.

Spin antwoordt door het koning van G7 naar G8 te zetten, terwijl onze held schuift het pion over het bord, van C2 naar C4. Met kerkerlist brengt Spin het koning naar H8.

Met vaste hand brengt onze held het pion naar C5; dan het koning van Spin rukt op van H8 naar G7. onze held zet het pion van C5 naar C6.

Het koning van Spin valt op G6 en rukt de pion van onze held weg.

Zonder haast of vrees plaatst onze held het pion op C7. Vanuit het duister duwt Spin het koning naar G7. De pion van onze held kroont op C8 en wordt een dame.

Spin antwoordt door het koning van G7 naar G6 te zetten. Schaak: onze held trekt het net aan door het dame naar C2 te brengen.

Met kerkerlist brengt Spin het koning naar G7. Met vaste hand brengt onze held het koning naar H5, en kort daarna het koning van Spin rukt op van G7 naar F7.

Mat. Het dame van onze held op G6 laat Spin geen ontsnapping.