Strijdkroniek

Het duel begint: onze held tegen Geest op verdieping 13.

Met avonturiersprecisie neemt onze held de rivaliserende toren op E3.

Geest's scherpte sluit de partij: mat tegen onze held.

Laden…

De strijd, zet voor zet

onze held slaat de vijandelijke toren: het pion springt van D2 naar E3.

Vanuit het duister duwt Geest het koning naar D7, terwijl het toren van onze held neemt H5 in, H1 blijft achter. Geest antwoordt door het pion van A7 naar A6 te zetten.

onze held slaat de vijandelijke pion: het toren springt van H5 naar G5.

Het loper van Geest bereikt B4 en bedreigt de koning van onze held.

Met vaste hand brengt onze held het koning naar F1, en kort daarna het paard van Geest rukt op van E7 naar G6. onze held slaat de vijandelijke paard: het toren springt van G5 naar G6.

Geest zet schaak met het toren op A1.

Zonder haast of vrees plaatst onze held het koning op F2. Vanuit het duister duwt Geest het pion naar E4, en het toren van onze held neemt H6 in, G6 blijft achter.

Geest antwoordt door het paard van A5 naar B3 te zetten, terwijl onze held schuift het pion over het bord, van G2 naar G4. Met kerkerlist brengt Geest het pion naar C3.

Met vaste hand brengt onze held het pion naar G5; dan het toren van Geest rukt op van A1 naar A3. onze held zet het koning van F2 naar E1.

Schaak van Geest: het pion plant zich op C2.

Zonder haast of vrees plaatst onze held het koning op F1. Op C1 promoveert Geest en wint een versterkend dame.

Het koning van onze held neemt F2 in, F1 blijft achter. Geest antwoordt door het loper van D6 naar B8 te zetten, en onze held schuift het pion over het bord, van G5 naar G6.

Met kerkerlist brengt Geest het loper naar E5. Met vaste hand brengt onze held het pion naar G7, en kort daarna het paard van Geest rukt op van B3 naar D2.

De pion van onze held kroont op G8 en wordt een dame.

De scherpte van Geest valt op F1 en het is mat tegen onze held.